Geschiedenis

Geschiedenis van een steenhouwersgeslacht

Tom is de 5e generatie steenhouwer en daar zijn we trots op. Er doen zich al een poos enkele verhalen rond over de herkomst van ons steenhouwersgeslacht, of waar de familie is opgeleid. Echter van ons leest u de echte feiten.

In enkele korte delen nemen wij u namelijk mee in de steenhouwersgeschiedenis van familie Lamers.  Wij gaan zo ver mogelijk terug in de tijd en zijn helemaal in 1762 uit gekomen, daar stopt vooralsnog de informatie. Laat maar lezen, hoor ik u denken. Dat doen we dus niet, want in de zoektocht kwamen we een verrassing tegen. Deze verrassing zorgt er voor dat we pas in midden 1800 kunnen starten met het steenhouwersverhaal en niet zoals verwacht in 1762. U leest hier onder hoe dat komt.

In 1848, maar 30 jaar na de troonsafstand van Napoleon Bonaparte wordt in ’s Hertogenbosch Adrianus Johannes Habraken geboren. Over zijn eerste levensjaren is ons niets bekend, maar rond 1872 doet er zich een vreemde gebeurtenis voor. Gravend in de bevolkingsregisters van ’s Hertogenbosch vinden wij een overlijdensakte. Getekend door Jacobus Habraken, de vader van Adrianus Johannes. Hier op staat vermeld dat op 4 juli 1872 is overleden “Adrianus Johannes Habraken wonende te s’ Hertogenbosch”. Vreemd, want wij weten beter. Misschien verklaart dat nu juist zijn toekomst en de verrassende onderdelen van onze zoektocht.

In hetzelfde jaar dat hij wordt doodverklaard, vind ik een inschrijving in de stad Amsterdam, namelijk aan de Engelsesteeg 25.  Op de linkse tekening ziet u zijn letterlijke woning (met de hoge gevels), althans, het huis waarin hij een kamer huurde op steenworpafstand van een jawel… steenhouwerij met de naam Guillot & Smit.

engelschestraat

Na verder onderzoek bleek dat Adrianus in de stad Amsterdam ook wat omzwervingen heeft gemaakt. Wellicht had dit te maken met het feit dat de kamers er vaak niet voor langere tijd werden verhuurd, of het pand een andere eigenaar kreeg. In 1875 verhuisde Adrianus van de Engelsesteeg naar de Lijnbaansgracht. Leuk detail, aan deze gracht zat steenhouwer Guillot en Smit. De woning aan de Lijnbaansgracht heeft hetzelfde nummer als een steenhouwerij, dus eigenlijk kan het niet missen dat Habraken destijds (kost en) inwoning had.  Foto: Het uitzicht op het Rijksmuseum met op de voorgrond de steenhouwerij Guillot & Smit . Zie platen op de voorgrond. Hoogstwaarschijnlijk was dit een dependance of een tijdelijke opslagplaats vanwege de werkzaamheden aan die kant van de stad. In die tijd hadden ze geen vrachtwagens en ging merendeel van het transport via het water. Tussen 1875 en 1877 verhuisde Habraken naar de Marnixstraat, een zijstraat van de Lijnbaansgracht. Hiervan is geen foto meer, alleen nog een oude bouwtekening (onder)

Ergens tussen 1875 en 1880 verhuisde Habraken nog 2 keer, namelijk naar de Passeerdersgracht en de Rozengracht. Deze straten zijn allemaal gelegen in de buurt van een steenhouwerij waarvan de naam ons niet bekend is. Deze staat in diverse registers naast een grote distilleerderij aan de Rozengracht. Waarschijnlijk heeft Habraken in zijn laatste jaren in Amsterdam hier gewerkt, gezien de bevolkingsregisters en de inschrijving op hetzelfde adres. Foto’s hieronder van de steenhouwerij aan de Rozegracht.

 

In 1880 is Habraken nergens meer in de registers van Amsterdam te vinden. Op dat moment loopt het spoor dood en is hij in de papieren 3 jaar verdwenen. Na het verliezen van zijn eerste vrouw waarmee hij trouwde in Amsterdam komt hij vervolgens in 1883 Johanna Catharina Lamers (geboren te Grave NB op 13 december 1858) tegen.  Tezamen verhuizen zij vervolgens naar Zutphen. (Foto’s hieronder één van hun oude straten de Komsteeg  te Zutphen). komsteeg Adres Habraken en Johanna komsteeg Adrianus Johanna Zutphen

 

 

 

 

 

 

 

Na een lange zoektocht en het raadplegen van het Regionaal Zutphens Archief kwam ik tot de ontdekking dat Habraken hier een steenhouwerij had. In de straat Rozengracht 227 te Zutphen (om de hoek zat de Komsteeg waar zijn woning was) stond een pakhuis welke hij huurde als werkplaats. Ontzettend blij zijn wij met het volgende: Een factuur uit 1896 van betovergrootvader’s bedrijf AJ Habraken – Steenhouwer en Marbrier! Klik voor een groot formaat. Tekst:
Voor u te weten 2 stukke ouwe steen verhakt voor het hek ingang voor de Rooms catholieke school. Aan arbeit 12 uur. Voor het verhakken en gaten hakken gebruikt een kilo loot om te gietten met nieuw. Tot taal twee gulden zestig cent.

 

Vervolgens is het weer een tijdje stil, tot er ineens weer een spoor uit 1889 opduikt. Op een ansichtkaart van Zutphen staat vermeld: “Achter de bomen ontwaren we nog net het gebouw, oorspronkelijk gebouwd als gereformeerde kerk, doch in 1889 gekocht door de steenhouwer Habraken die het tot zijn werkplaats inrichtte. Sedert 1909 is hierin het Leger des Heils gehuisvest”. Op de foto ziet u rechts van de poort nog net een punt van het gebouw uitsteken.

Hieronder het pand nog eens, maar dan in nieuwere tijden. Het pand staat er overigens nog steeds, hoe gaaf is dat! Op de linkerfoto staat Tom bij het pand.

  DSC_4075

Achtereenvolgend op die jaren worden in Zutphen 4 zoons geboren. In 1893 werd geboren Adrianus Johannes Daniel Lamers (Adri), in 1895 werd geboren Daniel Marinus Lamers (Daniël), in 1897 werd geboren Hendrikus Cornelis Lamers (oftewel Henk, Tom zijn overgrootvader), en de laatste kwam in 1898 Cornelis Hendrikus Lamers (Cor) ter wereld.

Ondertussen zijn zij al compleet gezin in 1901 verhuisd van Zutphen naar Hengelo Overijssel.

In 1902 trouwde Johanna Catharina met Adrianus Johannes Habraken, maar behield in alle registers haar eigen meisjesnaam.  Ongewoon, maar het staat er toch echt. In 1903 kregen zij nog een dochter, namelijk Petronella Wilhelmina Habraken…… En nu rijst de vraag: Hoe komt het dat de jongens Lamers heten en geen Habraken, want Adrianus is immers hun biologische vader? Dit zou betekenen dat het hele geslacht Lamers eigenlijk Habraken had moeten heten? Foutje in de registers? Spannende familiegeheimen? Komt het misschien omdat Habraken eerder dood werd verklaard?

Adianus Johannes Habraken

Het antwoord leek na enige research redelijk simpel te zijn. Habraken heeft de jongens om de een of andere reden nooit erkend, waarschijnlijk omdat zij tijdens de geboortes niet getrouwd waren of nu we enige tijd later weten, Habraken foutief dood is verklaard. In vroegere tijden schijnt het wel zo te zijn, dat de kinderen dan automatisch de namen van de moeder mee kregen. Mysterie opgelost, een verrassende wending in de beginperiode van een steenhouwersfamilie. Feit blijft ‘gelukkig’ wel dat in alle openbare registers staat geschreven dat Adrianus Johannes Habraken de biologische vader is van de 4 jongens, en dat hij steenhouwer was. Zijn vader overigens niet, hij was scheepstimmerman. (Links foto van Adrianus Johannes Habraken op latere leeftijd)

In 1910 overleed Johanna Catharina Lamers op 52 jarige leeftijd, in 1919 overleed hun zoon Daniel Marinus Lamers op 24 jarige leeftijd. De 3 overgebleven zonen staan in de registers geregistreerd met het beroep Steenhouwer.

Dit brengt ons naar het begin van het familieverhaal, namelijk dat Adrianus Johannes Habraken zijn 3 overgebleven zoons Henk, Adri en Cor heeft opgeleid tot Steenhouwer. Adrianus had zelf een steenhouwerij in Hengelo, alwaar Henk,  Adri en Cor ook werkzaam waren.  Adri vertrok in 1913 uit Hengelo en verhuisde naar Apeldoorn, om vervolgens middels allerlei omzwervingen via Duisburg uit te komen in Arnhem.

Uit oude registers van de Kamer van Koophandel blijkt dat Tom’s betovergrootvader Adrianus Johannes Habraken, zijn zoon Hendrikus Cornelis (Henk) en zoon Cornelis Hendrikus (Cor) in 1923 naar Almelo (Beltweg) zijn verhuisd alwaar ook de werkplaats was gevestigd. Afgelopen zondag zijn wij hier wezen kijken, echter heeft de woning/werkplaats plaats moeten maken voor een nieuwbouwwijk. Misschien dat we in onze zoektocht nog wat foto’s tegen komen, in dat geval zullen deze worden aangevuld op deze pagina. Het bedrijf aan de Beltweg te Almelo had de naam Steenhouwerij H.C. Lamers. Adrianus ging niet lang daarna  met pensioen, in de registers heeft het een hele andere benaming namelijk: een rentetrekker.

rentetrekker

Op onderstaande foto zien we betovergrootvader Adrianus in het midden (en diegenen die Tom’s vader Henk kennen, kunnen niet ontkennen dat hij er niet op lijkt!), overgrootvader Henk links en rechts broer Cor. Deze foto is na wat rekensommetjes omstreeks 1920 gemaakt, want Adrianus Habraken stierf in 1927 op 79 jarige leeftijd. Zijn zoons Henk en Cor namen de beitel over en gingen vanaf dat moment elk hun eigen weg…

1900

Links Hendrikus Cornelis (overgrootvader Henk) midden Adrianus, rechts Cornelis Hendrikus (Cor)

Hendrikus Cornelis (overgrootopa van Tom) trouwde in Hengelo 1921 met Maria Cornelia van de Loo. De gehele familie, behalve zijn broer Adri was toen woonachtig in Hengelo (Overijssel). In DEEL I was reeds een foto te zien van Habraken, met zijn 2 zoons Cornelis en Hendrikus. In 1923 verhuisden Adrianus Habraken, met zijn 3e vrouw, en deze 2 zoons Hendrikus en Cornelis naar de Beltweg in Almelo. Na enige tijd is  Cornelis Hendrikus zelfstandig steenhouwer geworden te Hengelo Overijssel, voor zover wij kunnen nagaan is deze firma omstreeks midden jaren 90 beëindigd. Over deze steenhouwerij is ons verder niets bekend, noch hebben wij hierover informatie of foto’s gevonden. HC

Links Overgrootvader (Henk) Hendrikus Cornelis, oftewel Henk, bleef op het nest aan de Beltweg in Almelo (Steenhouwerij H.C. Lamers), samen met zijn vrouw Cor van de Loo. Samen kregen zij 8 kinderen. In 1922 werd Tom’s opa Daniël Marinus (Daan) geboren, in 1923 Catharina Antonetta (Toos), in 1924 Adria, in 1926 Netty, in 1928 Hendrikus (Henk, momenteel levende in Canada), in 1929 Cornelis (Cor), in 1931 Antonius Johannes (Tonny) en tot slot in 1933 Petrus Franciscus (Pedro). In 1927 kwam grondlegger van de steenhouwersfamilie Adrianus te overlijden. Waar zijn 3e vrouw is gebleven is ons tot op heden onbekend.

trouwenOpaenoma1 Rechts Overgrootoma en overgrootvader op latere leeftijd.

Daniel Marinus (opa), Cornelis en Antonius Johannes, de zoons van overgrootvader Henk werden alle drie steenhouwer en bleven werkzaam in het familiebedrijf aan de Beltweg. In augustus 1943 ontmoette Daniel Marinus (opa Daan) zijn toekomstige vrouw Catharina Alberta Bernarda Gerharda Huiskes (oma Tine). Zij trouwden omstreeks 1946, een precieze datum is ons echter niet bekend.

trouwenOpaenoma

Trouwen van Daniel Marinus (opa) en Tine (oma). Rechts naast oma staat overgrootoma Cor en overgrootvader Henk.  

opaenoma1945

Links Opa Daan en Oma Tine in 1946

lamersmetaanhang

 

 

 

 

 

 

Boven van links naar rechts: Tine (Oma), Daan (Opa), Henk (Overgrootopa), Toos, Leo, Cor (Overgrootoma), Adrie, Walter. Onder van links naar rechts: Corrie, Pedro, Henk, Nettie, Tonnie.   gezinlamers

Het hele gezin van overgrootopa en overgrootoma. Opa Daan staat rechtsachterin.

henkendaan46Midden Overgrootopa Henk, links Opa Daan. Foto is omstreeks 1946 gemaakt.

opaomabeltweg

 

Links Opa Daan en Oma Tine tussen het plaat materiaal aan de Beltweg in Almelo

Na de 2e wereldoorlog besloot Daniel Marinus voor zichzelf te beginnen en nam in 1947 een kleine steenhouwerij over aan de Singelweg (Eijgelsheim) te Winterswijk. Hij veranderde hierbij de naam op 1 juni 1947 in Winterswijkse Steenhouwerij D.M. Lamers.  Voor de Winterswijk kenners: Het bedrijf aan de Singelweg bevond zich aan de linkerzijde voor het bruggetje richting de Helmhorst, net voorbij de fietsenmaker aan de rechterzijde. Tot op heden bevindt zich hier nog steeds een braakliggend terrein. Foto´s van Oud Winterswijk.

 

 

 

 

 

 

steenhouwerij daan lamers eijgelsheim1

 

 

eijgelsheim

Een begrafenisstoet langs het bedrijf waar opa Daan zich vestigde. Wanneer deze foto is gemaakt is ons nog niet bekend, dus wij weten niet of Daan zich op dat moment al aan de Singelweg bevond. Er is in ieder geval wel een showtuin te zien. Op de andere foto´s ook de  singelweg te Winterswijk, alwaar Opa Daan in ´47 Eijgelsheim overnam.

Tonnie en Corry en hun vader Hendrikus Cornelis (Henk) bleven aan de Beltweg te Almelo en zetten daar de firma voort onder de bestaande naam. Daan Lamers, de opa van Tom, kreeg met zijn vrouw Tine 9 kinderen, waaronder Wilma, in 1951 Hendrikus Cornelis (Henk, de vader van Tom), Tine, Hella, Toos, Marianne, Jetty, Daan en Nanne. Van deze 9 kinderen zijn de 2 zoons Henk en Daan, weer het vak ingerold via hun vader. In 1951 nam (opa) Daan Lamers zijn 1e medewerker buiten de familie in dienst en begon het bedrijf gestaag te groeien.

 

1emedewerker

Deze jongeman heette Jan Slotboom en werd door opa Daan volledig opgeleid tot allround steenhouwer. De werkzaamheden omvatten toentertijd voornamelijk het restaureren van natuursteen elementen aan kerken – kantelen en andere historische gebouwen, daarnaast vervaardigden en plaatsten ook zij grafmonumenten.

 

a1
Medewerker van opa Daan

a3

 a2 a5

In het jaar 1956 heeft Opa Daan een nieuwe werkplaats met buitenopslag gerealiseerd, zijn zoon Henk (vader Tom) was op dat moment 5 jaar en mocht de 1e steen leggen van de nieuwbouw. Zie foto’s hierboven, klik ze aan voor een groter formaat.  Op de onderste foto ziet u pa Henk al als kleine steenhouwer, hoezo met de paplepel ingegoten!

Het bedrijf in Winterswijk had inmiddels de naam Natuursteenbedrijf Lamers bv. gekregen. Het bedrijf in Winterswijk had inmiddels de naam Natuursteenbedrijf Lamers bv. gekregen. In 1969 hebben Natuursteen Bedrijf Lamers in Winterswijk en Natuursteen Bedrijf Lamers in Almelo ( die dus tot dat moment afzonderlijk van elkaar werkten) besloten om samen verder te gaan. Dat heeft geresulteerd in de oprichting van een Naamloze Vennootschap. Vanaf dat moment heette de nieuwe onderneming “Natuursteenbedrijf Lamers NV Winterswijk – Almelo “. In 1971 verhuisde de steenhouwerij, toen nog van Tom’s overgrootvader andere zoons Corry en Tonny (de broers van opa Daan) van de eerder genoemde Beltweg naar de Plesmansweg te Almelo.  (klik voor leesbaar formaat)

uitnodgiing

Voor wie het allemaal te snel gaat nog een kleine samenvatting: Hendrikus Cornelis is Tom’s overgrootopa, welke in Almelo woonde. Zijn zoons Corry en Tonny  (de broers van Opa Daan) zette in Almelo het in 1921 opgerichte bedrijf voort, terwijl opa Daan in Winterswijk een steenhouwerij had.

Winterswijk was voor het grafwerk en restauratiegedeelte, Almelo deed de bouwkant. Eens in de zoveel tijd was er een uitwisseling van goederen. Deze samenwerking heeft geduurd tot 1979 toen zijn de beide bedrijven weer afzonderlijk van elkaar verder gegaan.

a7
Opa (Daan) Lamers in Polen

In de periode van 1956 tot 1970 groeide het bedrijf in Winterswijk in elk geval flink, steeds werden meer jonge mensen aangenomen die werden opgeleid tot steenhouwer die zowel het handmatig bewerken beheersten maar ook met de diverse machines die inmiddels waren aangeschaft overweg konden. Rond 1970 had het bedrijf ca. 10 medewerkers in dienst. Jan Slotboom had mede vanwege de gezondheidsproblemen van opa Daan inmiddels de leiding in de werkplaats en Opa Daan deed de calculaties – de inkopen en de verkopen.

a8

In februari 1973 kwam de zoon van Daan, Pa Henk in het bedrijf nadat hij de 3 jarige vakopleiding in Duitsland had afgerond.   Niet lang daarna stierf Hendrikus Cornelis (overgrootvader) in 1975 te Almelo.

Opleiding Pa Henk, te Königslutter Duitsland. Tom volgde hier ook zijn opleiding.
Opleiding Pa Henk, te Königslutter Duitsland. Tom volgde hier ook zijn opleiding.

a4

Het gezellen-papier van Pa Henk
Het gezellen-papier van Pa Henk

De periode daarna vond er wederom een gestage stijging van het orderbestand plaats, naast restauraties en grafmonumenten werd ook veel natuursteen geleverd aan aannemersbedrijven voor woningen en utiliteitsbouw. Hierbij kunt u denken aan dorpels, raamdorpels, trappen, gevelbekledingen en vensterbanken. Eén van deze opdrachten was de restauratie van een doopvont van de NH kerk te Eibergen. Tijdens uitgraven van de vloer kwam dit exemplaar zwaar beschadigd naar boven. Aan het bedrijf Lamers bv Winterswijk de eer…

Het doopvont na de opgraving
Het doopvont na de opgraving
Restauratie volbracht. 2e van links Henk Lamers
Restauratie volbracht. 2e van links Henk Lamers
Bovendeel restauratie volbracht
Bovendeel restauratie volbracht

Het bedrijf in Winterswijk koppelde zich in 1978 los van de vestiging in Almelo, waarbij de gebroeders Corry en Tonny Lamers als directie verder gingen bij hun eigen bedrijf in Almelo. Jan Slotboom was inmiddels door verslechterde gezondheid van Opa Daan mede-aandeelhouder (en bedrijfsleider) geworden van het bedrijf in Winterswijk. Vanaf eind jaren 70 kreeg het bedrijf onder leiding van hem opa Daan en pa Henk landelijke bekendheid in de restauratietak, door het verkrijgen van diverse restauratieprojecten.

Arnhem_N_H_Grote-of_Eusebiuskerk_28

(Eusebiuskerk te Arnhem (foto links), en het mariaportaal van de Walburgiskerk Zutphen (foto onder)

wbkerk

d

Voor beide projecten is de toenmalige hoge onderscheiding De Natuursteenpenning gewonnen. Zie krantenartikel hierboven.

ma tante nardie en halla bij restauratie eusebius kerkOma Lamers tijdens een bezoek aan de Eusebius kerk.

In 1980 deed zich de gelegenheid voor om een bestaande kleine steenhouwerij aan de Singelweg in Winterswijk over te nemen. Hierdoor kwam vooral het grafwerk in de spreekwoordelijke lift. Natuursteenbedrijf Lamers bv had inmiddels dus 2 locaties. Omdat deze steenhouwerij een andere naam had, namelijk “ Steenhouwerij Führen” kwam er al gauw onduidelijkheid over het naamsgebruik en de personen die zeggenschap hadden. Opa Daan was door zijn ziekte steeds vaker thuis, pa Henk was op dat moment al met de aandelenovername bezig. Jan Slotboom hield  zich vooral bezig met de restauratiekant, aan de Industrieweg. Op dat moment werd besloten alle verwarring weg te nemen en beide bedrijven onder te brengen onder de naam Natuursteenbedrijf De Corbeel b.v.. In dat zelfde jaar zag de schrijfster van dit verhaal en partner van de steenhouwer tevens het levenslicht.

BOVEN: Foto van het oude pand aan de Industrieweg. RECHTS: Gewoon een leuk detail. Een factuur uit 1978 gericht aan de oudtante van Tom’s partner Irma. Grappig hoe het verleden en heden toch weer bij elkaar komen.

In 1983 stierf Opa Daan op 61 jarige leeftijd na een langdurige en slopende ziekte. Pa Henk en Jan Slotboom namen samen het heft in handen en zetten het bedrijf voort. Omstreeks 1985 werd door ruimtegebrek een nieuw pand gebouwd en geopend op het nieuwe industrieterrein (Snelliusstraat) te Winterswijk. Daarbij kwamen zowel het oude pand aan de Industrieweg als de Singelweg te vervallen. Jan Slotboom kwam jammer genoeg op veel te jonge leeftijd plotseling te overlijden in 1989. En zo waren de oprichter van de steenhouwerij in Winterswijk en zijn 1e leerling in korte tijd niet meer onder ons, een gigantische klap voor het bedrijf. Henk stond er plots alleen voor, en werd daarbij bijgestaan door zijn personeel, met raad en daad.

Inmiddels waren ook de 4 zoons van Jan Slotboom werkzaam binnen het bedrijf hetzij als leerling, of als steenhouwer en werden conform de familietraditie van Lamers zijde fatsoenlijk opgeleid. Begin jaren 90 maakte pa Henk 1 van de zoons van Jan Slotboom tot compagnon omdat deze de aandelen van zijn vader overnam.

Twee jaar later in 1992 was Tom ook al 16 en werd de geschiedenis opnieuw herhaald doordat ook hij de opleiding in Duitsland (Konigsluther) ging volgen. Ook was hij bij hetzelfde leerbedrijf in dienst (Lorei Duitsland) als zijn vader. Deze opleiding is in 1995 met succes afgerond. Naast zijn opleiding in Duitsland behaalde hij in het  jaar daarop ook de Nederlandse vakdiploma’s.

Ondertussen werd Lamers Natuursteen Industrie Almelo (van Tonny en Corry) door privékwesties en het ontbreken van een opvolger verkocht aan een investeerder. Niet lang daarna werd het opgekocht door de huidige eigenaar en is het bedrijf tot op de dag van vandaag nog steeds aanwezig en werkend onder de naam Lamers Natuursteen Industrie Almelo b.v.

Ondertussen in Deventer:

De Firma Olthof werd overgenomen door de heer Smit en ging verder onder de naam Olthof-Smit. Dankzij de zoon van de heer Smit hebben wij nog enkele foto’s van het pand en het terrein begin jaren 90 alvorens zij het hebben opgeknapt. Het was nogal een rommeltje….

Eind jaren 90 was de firma zo gegroeid mede doordat de Corbeel een steenhouwerij in Den Bosch had overgenomen (Petrumus Natuursteen), het totale personeelsbestand was inmiddels gegroeid tot ruim 55 mensen in vaste dienst. Tom was inmiddels ook werkzaam binnen het bedrijf. De eerste jaren zat hij voornamelijk op de restauratieafdeling, waarbij het echte ambachtelijke steenhouwersvak, dat hij tijdens zijn opleiding in Duitsland geleerd had, goed van pas kwam. Ook was hij regelmatig in hogere sferen te vinden, maar dan wel bovenop kerken en kastelen.

Begin 2001 werden er wat flinke knopen en banden doorgehakt die tot op de dag van vandaag nog steeds voelbaar zijn….

De 21e eeuw: Elk einde is een nieuw begin!

De vorige aflevering spraken we over een verandering binnen De Corbeel Natuursteen die veel teweeg zou brengen.

Begin 21e eeuw besloot de mede-eigenaar Slotboom jr van De Corbeel verrassend genoeg voor zichzelf te beginnen in de restauratie-tak. Deze nog bestaande firma, Slotboom Steenhouwers, werd opgericht in 2001. Tot die tijd zijn zij onder de vleugels van familie Lamers groot gebracht.  Een 51 jarige band tussen twee families werd hiermee plots verbroken.  Een deel van de door De Corbeel opgeleide vakmensen gingen mee, een mentale aderlating voor de firma.  De overgebleven personeelsleden, Henk en Tom Lamers hebben de spreekwoordelijke schouders er dubbel en dwars onder gezet om door te gaan met datgene waar ze goed in zijn: Het bewerken van natuursteen in de breedste zin van het woord.

corbeel1 corbeel

Voor Tom was een overstap onbespreekbaar en ging hij  in 2001 uiteraard mee met zijn vader in plaats van werkzaam te blijven in de restauratietak die Slotboom inmiddels voor rekening nam.  Na een reorganisatie binnen De Corbeel met enkele functiewijzigingen en toevoegingen in het personeelsbestand werd er weer als vanouds geproduceerd. In het daarop volgend jaar is het laatste lid van de familie Slotboom vertrokken, waardoor er weer wat geschoven moest worden in functies.

  restauratie sluisborculo houten-passage-1i-1024x674 hoofdingangrabo

Nadat Tom diverse functies binnen het bedrijf had bekleed trad hij in 2009 toe tot de directie van De Corbeel Natuursteen. Uiteraard heeft hij deze functie met hart en ziel aanvaard en met grote toewijding uitgevoerd, al lag zijn werkelijke passie op de werkvloer. Immers is hij niet voor niets een steenhouwer geworden.

Na vele jaren hard werken kwam het bedrijf eind 2011 in grote financiële problemen, door toedoen van de economische crisis en de malaise in de bouwsector. Ook werd op dat moment ontzettend veel gecremeerd waardoor ook de grafwerk-afdeling zwaar onder druk kwam te liggen. Ondanks de extra inzet, diverse ingrepen en alle moeite was alles helaas voor niets en viel het doek voor De Corbeel Natuursteen. Een moeilijke periode brak aan voor iedereen die al jaren al dan niet decennia betrokken was bij het (familie)bedrijf.

Na een korte periode werd De Corbeel overgenomen door een collega firma uit Winterswijk, namelijk Greven Natuursteen. Een flink deel van het personeel kon blijven, evenals Henk Lamers. Dit bedrijf is nu beter bekend als Corbeel & Greven Natuursteen. Tom zijn vader werkt hier nog steeds, zodoende hebben wij met dit bedrijf nog altijd een goede band en werken we samen waar kan en nodig.

In 2012 trad Tom in dienst bij een toe leverancier van natuursteenbedrijven en werd zijn kennis op vlak van machines, gereedschappen en toebehoren enorm vergroot. In datzelfde jaar kwam hij tijdens een zakelijk bezoek  in gesprek met Martin en Truus Hafkamp, de oud eigenaren van ons bedrijf (steenhouwer sinds midden jaren 60, zelfstandig vanaf begin jaren 80). Op dat moment waren zij naarstig op zoek naar een opvolger voor De Deventer Steenhouwerij. Tom hoefde er niet lang over na te denken en nam vrij snel het besluit om een overname rond te krijgen.  Ik, schrijfster van dit verhaal, had op dat moment een vaste leidinggevende baan in de detailhandel. Een carrière switch was tot dusver nog niet in me op gekomen, totdat Tom thuis kwam met zijn wilde plannen. We besloten samen opnieuw te beginnen en er voor te gaan.

De overname had nogal wat voeten in aarde, want we zaten middenin de crisis en vooral de banken hielden de deuren flink op slot. Na een jaar mee te hebben gedraaid in de Steenhouwerij waarbij hij langzaamaan de vaste klandizie leerde kennen is de overname in 2014 bezegeld. Wij zijn hiervoor een aantal mensen erg dankbaar,  zonder hen was een overname absoluut onmogelijk. In juni 2014 werd de steenhouwerij zonder inmenging van welke bank dan ook overgenomen en konden we samen met medewerker Willem (welke wij ook overnamen) met frisse moed en vol enthousiasme beginnen aan een nieuw hoofdstuk. Dagelijks reden wij 5 kwartier van Winterswijk naar Deventer, en weer terug, aangezien wij nog steeds woonachtig waren in Winterswijk. Inmiddels wonen wij alweer bijna 2 jaar met enorm veel plezier in gemeente Deventer.

sky

Hoe de afgelopen twee jaar verder zijn verlopen en hoe wij de verdere toekomst zien, leest u in het vooralsnog laatste deel.