Veldkei kloven

Kloven van een veldkei

Het kloven van natuursteen, ook wel kielen, keilen of breken genoemd, is het breken van een blok steen met behulp van wiggen of beitels. Er zijn twee methoden: met en zonder boorgaten. Wij gebruikten boorgaten in onze veldkei.

In een blok steen worden op korte, regelmatige afstand gaten geboord. Voor de komst van het elektrisch en pneumatisch gereedschap was dit handwerk, waarbij de beitelvormige boor na iedere slag een stuk gedraaid moest worden. Sinds het begin van de twintigste eeuw worden boorhamers of pneumatische boren gebruikt. De diepte van het boorgat hangt af van de gelaagdheid van de steen: bij een niet al te groot blok graniet, dat in elke gewenste richting voorspelbaar en beheersbaar breekt omdat het geen gelaagdheid kent, volstaan vaak ondiepe gaten van 15 cm. Steen met een duidelijke afzettingsrichting moet vaak helemaal of bijna helemaal doorboord worden, tenzij er met de richting mee wordt geboord.

In deze boorgaten worden de kloofbeitels geplaatst. In elk gat wordt een set van deze beitels geplaatst, die vervolgens alle op spanning worden geslagen met een vuist (moker). Door steeds heen en weer alle beitels aan te slaan ontstaat er zoveel druk, dat de in dit geval veldkei langs de richting van de boorgaten splijt.

In een steengroeve gebruikt men het kloven als een van de methoden om een groot blok steen uit de groevewand los te breken. Andere methoden zijn onder andere de steenkettingzaag en de draadzaag. In plaats van met kloofbeitels worden de gaten vaak gevuld met een stof die na verloop van tijd uitzet en daardoor de steen splijt. De in een groeve gebruikte kloofbeitels kunnen tot ruim een meter lang zijn.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *